Subsidieverordening instandhouding en isolerende maatregelen gemeentelijke monumenten Bronckhorst 2017

Geldend van 02-03-2017 t/m heden

Intitulé

   

Raadsbesluit

Behorende bij raadsvoorstel met nummer Z87412\Raad-00197/6

De raad van de gemeente Bronckhorst;

gelezen het voorstel van het college van b en w van dinsdag 24 januari 2017;

gelet op de bespreking in de commissievergadering van donderdag 8 februari 2017;

besluit:

De subsidieverordening instandhouding en isolerende maatregelen gemeentelijke monumenten Bronckhorst 2017 vast te stellen.

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsbepaling 

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    Awb: Algemene wet bestuursrecht;

  • b.

    college: het college van burgemeester en wethouders;

  • c.

    monument: een beschermd gemeentelijk monument dat is opgenomen op de gemeentelijke monumentenlijst als bedoeld in de geldende verordening voor monumenten van de gemeente Bronkhorst;

  • d.

    onderhoud: periodieke werkzaamheden aan een monument die ertoe dienen het monument in goede staat te houden respectievelijk als zodanig in stand te houden en/of om toekomstig groot onderhoud en kostbare restauraties te voorkomen of te verminderen;

  • e.

    HR-m-glas: dubbel glas met een U-waarde kleiner of gelijk aan 1,2 W/m2;

  • f.

    monumentale woning: een gebouw die op grond van de Erfgoedverordening 2013 gemeente Bronckhorst als een gemeentelijk monument geldt en een woonbestemming heeft;

  • g.

    monumentenglas: vensterglas met als voornaamste functie een isolerende werking, zonder de uitstraling van een monument aan te tasten;

  • h.

    Rd-waarde: warmteweerstand van dichte constructies uitgedrukt in m2 KNV;

  • i.

    kosten: de door het college goedgekeurde bedragen van het plan waarvoor subsidie wordt verstrekt, inclusief niet verrekenbare BTW;

  • j.

    plan: de nauwkeurige omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;

  • k.

    monumentenzorg: de inspanning, gericht op behoud, herstel en verbetering van gemeentelijke monumenten;

  • l.

    verlenen van subsidie: de aanspraak op financiële middelen, door het college verleend, voor onderhoud van monumenten;

  • m.

    vaststellen van subsidie: het besluit van het college, waarbij de hoogte van het bedrag van de subsidie wordt vastgesteld en het college zich verplicht tot uitbetaling;

  • n.

    bouwhistorisch onderzoek: een onderzoek naar de bouwkundige historie van een gemeentelijk monument;

  • o.

    Leidraad Monumenten: de door het college van burgemeester en wethouders vastgestelde uitvoeringsrichtlijnen waaraan onderhoud aan gemeentelijke monumenten waar subsidie voor wordt verleend, dient te voldoen.

Artikel 2 Reikwijdte van de verordening

Deze verordening is van toepassing op subsidieaanvragen voor onderhoudswerkzaamheden aan gemeentelijke monumenten, voor na-isolerende maatregelen aan monumenten met een woonbestemming en voor het opstellen van een bouwhistorisch onderzoek.

Artikel 3 Bevoegdheid

Het college is bevoegd tot het uitvoering geven aan het bepaalde in deze verordening en tot het vaststellen van uitvoeringsvoorschriften waaraan onderhoud aan gemeentelijke monumenten waarvoor subsidie wordt verleend, dient te voldoen.

Artikel 4 Subsidieplafond

De gemeenteraad kan jaarlijks, tegelijk met het vaststellen van de gemeentebegroting, een subsidieplafond vaststellen dat voor dat begrotingsjaar bestemd is voor de verlening van subsidie op grond van deze verordening aan natuurlijke- en rechtspersonen.

Hoofdstuk 2 De aanvraagprocedure

Artikel 5 De aanvraag

Alle aanvragen om subsidie op grond van deze verordening, worden in volgorde van binnenkomst afgehandeld.

Artikel 6 Gegevens

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend via het door het college vastgesteld formulier en gaat ten minste vergezeld van de volgende documenten:

  • a.

    een gespecificeerde begroting/prijsopgave van de kosten;

  • b.

    een (technische) werkomschrijving of een bestek (hoe ingrijpender de werkzaamheden, hoe specifieker de werkomschrijving);

  • c.

    detailfoto's van de monumentale onderdelen waaraan het onderhoud en/of de isolerende maatregelen plaatsvindt;

  • d.

    een inspectierapport van de Monumentenwacht Gelderland of een andere vergelijkbare deskundige. Het rapport mag niet ouder zijn dan 3 jaar;

  • e.

    de naam en het adres van de aannemers of diegene, die met het uitvoeren van de werkzaamheden is belast. Indien werkzaamheden zelf worden uitgevoerd, dient dit ook vermeld te worden.

Artikel 7 Aanvullen van de gegevens

1. Indien de aanvraag niet volledig is of wanneer de gegevens onvoldoende duidelijk zijn om de aanvraag in behandeling te kunnen nemen, doet het college daarvan binnen vier weken na ontvangst schriftelijk mededeling aan de aanvrager.

2. De aanvrager dient binnen de in de mededeling aangegeven termijn zijn aanvraag aan te vullen. Indien de gevraagde gegevens niet binnen de aangegeven termijn zijn verstrekt, neemt het college de aanvraag niet in behandeling.

Hoofdstuk 3 Subsidieverlening

Artikel 8 Subsidiabele werkzaamheden

Het college kan uitsluitend éénmaal per 3 kalenderjaren subsidie verlenen voor hetzelfde monument voor:

1. Reguliere onderhoudswerkzaamheden:

  • a.

    buiten- en daarmee samenhangend binnenschilderwerk, voor zover het betreft de buitenramen, buitenkozijnen en buitendeuren;

  • b.

    onderhoud van rieten daken (met daklatten en herstel van sporen);

  • c.

    onderhoud van dakvlakken gedekt met pannen (met tengels en panlatten), leien, lood, zink of koper en, uitsluitend in samenhang hiermee, het herstel van gedeelten van het dakbeschot en sporen;

  • d.

    onderhoud van goten, in zink, koper of lood, inclusief bijbehorende hemenwaterafvoeren, en het aanbrengen van voor de waterafvoer noodzakelijke goten waar deze niet eerder aanwezig waren;

  • e.

    onderhoud van buitenkozijnen, buitendeuren, raampartijen, luiken en herstel van stoepen, roedenverdeling, lijstwerk en luiken;

  • f.

    onderhoud van windveren, schoorstenen, kapellen en loodaansluitingen;

  • g.

    onderhoud van dak- of torenluiken en loopbruggen, inclusief het afgazen van torenluiken en het nemen van beperkte maatregelen tegen duivenoverlast;

  • h.

    inboeten, herstel van gedeelten van muurwerk en opvoegen of pleisteren van gevels.

  • i.

    het op kleine schaal vervangen of inboeten van natuursteen;

  • j.

    behandelen van muur- of houtwerk ter regulering van de vochthuishouding, dan wel ter bestrijding van zwamaantasting of houtaantasters;

  • k.

    onderhoud van gedeelten van dragende constructies (ankerbalkgebinten, schoren en platen, balkkoppen, en spantbenen);

  • l.

    onderhoud van glas-in-loodbeglazing en het aanbrengen van beschermde beglazing voor gebrandschilderd glas of historisch waardevol glas;

  • m.

    vervangen en herstel van overige bouwelementen van grote zeldzaamheid of met grote historische waarde;

  • n.

    het plaatsen van achterzetbeglazing in samenhang met herstel van historisch waardevolle ramen;

  • o.

    het gangbaar houden van historische krachtwerktuigen en machines;

  • p.

    onderhoud aan waardevolle monumentale interieuronderdelen;

  • q.

    de kosten van inspectierapport en/of abonnement van de Monumentenwacht of een andere vergelijkbare organisatie of deskundige;

  • r.

    de kosten voor het opstellen van een restauratie- of onderhoudsplan door een deskundige;

2. Na-isolerende maatregelen:

  • a.

    het aanbrengen van vloerisolatie met een isolatiewaarde (Rd-waarde) van minimaal 2,5 m2 K/VV;

  • b.

    het aanbrengen van dakisolatie met een isolatiewaarde (Rd-waarde) van minimaal 2,5 m2 KAN, waarbij isolatie van de vloer van niet-verwarmde vliering wordt beschouwd als dakisolatie;

  • c.

    het aanbrengen van muurisolatie door middel van:

    - het aanbrengen van spouwmuurisolatie in de bestaande spouw;

    - het aanbrengen van andere gevelisolatie waarbij de Rd-waarde minimaal 2,5 m2 K/VV is;

  • d.

    het vervangen van bestaand glas door warmte-isolerend monumentenglas;

3. Subsidie kan worden verstrekt voor een bouwhistorisch onderzoek en/of

haalbaarheidsonderzoek (voor restauratie) door een daartoe erkend bureau of een bouwhistoricus. De subsidie voor een bouwhistorisch onderzoek bedraagt maximaal € 500,00.

Artikel 9 Subsidiabele kosten

1. Als subsidiabele kosten worden aangemerkt, de kosten verbonden aan de uitvoering van de subsidiabel geachte onderhoudswerkzaamheden als bedoeld in artikel 9 voor zover het betreft:

  • a.

    de loonkosten en de materiaalkosten;

  • b.

    de verschuldigde btw;

  • c.

    de algemene bouw- en plaatskosten, de algemene bedrijfskosten en de winst;

  • d.

    indien de aanvrager de voorzieningen in zelfwerkzaamheid verricht, kunnen enkel de materiaalkosten als subsidiabel worden opgevoerd.

2. Kosten die uitsluitend of overwegend worden gemaakt voor de verbetering van het wooncomfort m.u.v. duurzaamheidsmaatregelen, komen niet voor subsidie in aanmerking.

Artikel 10 Eigenaar

Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt aan de natuurlijke of rechtspersoon, die krachtens het eigendomsrecht het genot heeft van een monument.

Artikel 11 Subsidiepercentage en subsidiemaximum

De subsidie in de kosten van onderhoud van een monument bedraagt 25% van het totaal van de door het college subsidiabel geachte kosten als genoemd onder hoofdstuk 3, tot een maximum subsidiebedrag van € 5.000,--

Artikel 12 Inspectie

De aanvrager van subsidie dient een door het college aangewezen deskundige of een ambtelijke medewerker van de gemeente desgewenst de gelegenheid te bieden het monument en de wijze waarop de werkzaamheden zullen worden of zijn uitgevoerd, te inspecteren.

Artikel 13 Uitvoering in afwijking verstrekte gegevens

De werkzaamheden ten behoeve waarvan de subsidie is verleend, mogen niet in afwijking van de ter zake verstrekte gegevens en de aan de subsidieverlening verbonden voorschriften worden uitgevoerd, tenzij met schriftelijke toestemming van het college.

Artikel 14 Afwijzingscriteria

De subsidie wordt geweigerd, indien:

  • a.

    met het treffen van de voorzieningen het belang van het gemeentelijk monument niet of in onvoldoende mate wordt gediend;

  • b.

    de aanvraag geen zicht geeft op duurzame instandhouding van het monument;

  • c.

    de kosten van de gevraagde voorzieningen niet in een redelijke verhouding staan tot het te verkrijgen resultaat;

  • d.

    door de uitvoering van de werkzaamheden de (historische) karakteristiek van het monument wordt aangetast;

  • e.

    met het treffen van voorzieningen is begonnen voordat voor de betreffende werkzaamheden subsidie is verleend;

  • f.

    de kosten van de werkzaamheden minder bedragen dan € 1000,-- inclusief BTW;

  • g.

    de aanvrager geen inspectie toestaat als bedoeld in artikel 12;

  • h.

    voor zover van toepassing: het bedrijf dat de voorzieningen zal treffen niet is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel;

  • i.

    de kosten door een verzekering zijn gedekt en/of waarvoor de aanvrager een financiële vergoeding kan of heeft ontvangen.

Artikel 15 Uitvoeren werkzaamheden

  • 1. De werkzaamheden dienen binnen 24 maanden, nadat de subsidie aanvraag is verleend, te worden uitgevoerd, overeenkomstig de aan de subsidiebeschikking verbonden voorschriften.

  • 2. Bij onvoorziene omstandigheden die buiten de directe invloedsfeer van de aanvrager liggen kan het college de in het eerste genoemde termijn schriftelijk verlengen op verzoek van aanvrager.

Hoofdstuk 4 Subsidievaststelling en subsidie-uitbetaling

Artikel 16 Subsidievaststelling

1. De definitieve vaststelling van het subsidiebedrag vindt plaats nadat:

  • a.

    de in de aanvraag opgenomen werkzaamheden schriftelijk of digitaal binnen het kalenderjaar van uitvoering zijn gereedgemeld bij het college middels het daarvoor bestemde formulier;

  • b.

    bij de gereedmelding de volgende bescheiden zijn ingediend: een gespecificeerde financiële verantwoording van de werkelijk gemaakte kosten, vergezeld van de originele gespecificeerde rekeningen en kopieën van giro- en bankafschriften of contant betaalde rekeningen, voorzien van een verklaring met handtekening van de desbetreffende firma en indien nodig op verzoek van het college, andere bescheiden;

  • c.

    het gereedmeldingsformulier ingevuld is ontvangen;

  • d.

    de onder b en c genoemde bescheiden en de wijze waarop de werkzaamheden zijn uitgevoerd, zijn goedgekeurd.

2. De gereedmelding is tevens een aanvraag om vaststelling van de subsidie als bedoeld in artikel 4:44 van de Awb.

Artikel 17 Subsidie-uitbetaling

Overeenkomstig artikel 4:87 van de Awb geschiedt de betaling binnen 6 weken nadat het besluit tot subsidievaststelling is bekendgemaakt op een door de aanvrager op te geven bank- of girorekeningnummer.

Artikel 18 Opschorting en terugvordering

De artikelen 4:56 en 4:57 van de Awb zijn van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk 5 Intrekking of wijziging

Artikel 19 Intrekking/wijziging

Voor wat betreft de mogelijkheden om een besluit tot subsidieverlening of

subsidievaststelling in te trekken of te wijzigen is Afdeling 4.2.6 van de Awb onverkort van toepassing.

Hoofdstuk 6 Bijzondere en slotbepalingen

Artikel 20 Bijzondere bepalingen

Het college kan in bijzondere gevallen:

  • a.

    ontheffing verlenen van de bepalingen en voorschriften in deze verordening;

  • b.

    bijzondere voorschriften stellen.

Artikel 21 Citeertitel en inwerkingtreding

  • 1. Deze verordening kan worden aangehaald als 'Subsidieverordening instandhouding en isolerende maatregelen gemeentelijke monumenten Bronckhorst 2017';

  • 2. Deze verordening treedt in werking op de dag na die van bekendmaking.

Ondertekening

Aldus besloten door de raad van de gemeente Bronckhorst in zijn openbare vergadering van 23 februari 2017,
de griffier wnd, de voorzitter,
A.R.M. Nengerman, M. Besselink