Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Groningen

Beleidsregels van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen houdende regels voor ondernemersvouchers Beleidsregel De Groninger Ondernemersregeling

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieGroningen
OrganisatietypeProvincie
Officiële naam regelingBeleidsregels van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen houdende regels voor ondernemersvouchers Beleidsregel De Groninger Ondernemersregeling
CiteertitelBeleidsregel Ondernemersvouchers Groningen
Vastgesteld doorgedeputeerde staten
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. art. 4:81 lid 1 Awb
  2. http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/XHTMLoutput/Historie/groningen/244162/244162_9.html
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

27-10-2017artikel 8

17-10-2017

prb-2017-4817

K6266
09-03-201701-01-201727-10-2017aanhef, artikel 22

28-02-2017

prb-2017-1009

676105
01-01-201709-03-2017nieuwe regeling

06-12-2016

prb-2016-6607

664104

Tekst van de regeling

Intitulé

Beleidsregels van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen houdende regels voor ondernemersvouchers Beleidsregel De Groninger Ondernemersregeling

Gedeputeerde Staten van Groningen maken bekend dat in hun vergadering van 6 december 2016, nr A.16, afdeling ECP, zaaknummer 664104, is vastgesteld de Beleidsregel Ondernemersvouchers Groningen.

 

Overwegende dat:

  • In "Groningen@Work, het programma Economie & Arbeidsmarkt provincie Groningen 2016-2019" verhogen van het aantal innoverende bedrijven een belangrijke prioriteit is;

  • In "Groningen@Work, het programma Economie & Arbeidsmarkt provincie Groningen 2016-2019" het voorkomen en terugdringen van (jeugd) werkloosheid een belangrijke prioriteit is;

  • Meerdere organisaties in Groningen programma's (willen gaan) uitvoeren met als doel ondernemers innovatiever te maken door ze onder andere te ondersteunen bij het opstarten van bedrijven, verbeteren ondernemersvaardigheden en/of het vergroten van de exportgerichtheid;

  • Meerdere organisaties in Groningen programma's (willen gaan) uitvoeren met als doel (jeugd)werkloosheid terug te dringen door het aanbieden van meester-gezel trajecten

 

Gelet op:

  • de Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU 2013,L352);

  • artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht;

  • de Kaderverordening subsidies provincie Groningen 1998;

  • Beleidsregel uitvoering Rijkssubsidiekader.

 

 

Besluiten:

 

Vast te stellen hetgeen volgt:

 

Beleidsregel De Groninger Ondernemersregeling

Paragraaf 1 Inleidende en algemene bepalingen

Artikel 1 Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    Onderneming: een onderneming die is ingeschreven in het handelsregister dat wordt bijgehouden door de Kamer van Koophandel;

  • b.

    Geaccrediteerde organisatie: een door GS Groningen erkende organisatie die een integraal en door GS Groningen erkend programma uitvoert en aanbiedt aan Groninger ondernemers met als doel;

    • -

      ondernemers innovatiever te maken door ze onder andere te ondersteunen bij het opstarten van ondernemingen, of het verbeteren van ondernemersvaardigheden, of het vergroten van de exportgerichtheid, of;

    • -

      (jeugd)werkloosheid terug te dringen door het aanbieden van meester-gezel trajecten.

      De lijst met door GS Groningen erkende organisaties en erkende projecten wordt door GS gepubliceerd;

  • c.

    Project: Het volgen en afronden van een programma dat door een geaccrediteerde organisatie wordt aangeboden;

  • d.

    Programma: Een samenhangend geheel van activiteiten dat door de geaccrediteerde organisatie aan de aanvrager wordt aangeboden en waarvoor de aanvrager aan de geaccrediteerde organisatie een vergoeding betaalt;

  • e.

    De-minimisverordening: Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU 2013,L352);

  • f.

    De-minimisverklaring: een verklaring als bedoeld in bijlage I bij deze regeling;

  • g.

    Groninger onderneming: een onderneming, die volgens het handelsregister een vestiging heeft in de provincie Groningen en daar ondernemingsactiviteiten uitvoert.

Artikel 2 Werkingsgebied

Deze regeling is van toepassing op ondernemingen, gevestigd in de Provincie Groningen.

Artikel 3 Doel van de regeling

De regeling heeft als doel het verhogen van het aantal innoverende ondernemingen in de provincie Groningen en het verminderen van (jeugd)werkloosheid in de provincie Groningen.

Paragraaf 2 De subsidieaanvraag

Artikel 4 Indiening van de aanvraag

Aanvragen worden ingediend bij Gedeputeerde Staten van de Provincie Groningen door middel van een door Gedeputeerde Staten vastgesteld formulier.

Artikel 5 Aanvrager

Aanvrager is een onderneming:

  • a.

    die een vestiging heeft in de provincie Groningen; en

  • b.

    die deelneemt aan een project t.b.v. de vestiging(en) in de provincie Groningen.

Artikel 6 Verplichting aanvraag

Bij het ingevulde en ondertekende aanvraagformulier dienen onderstaande bijlagen te worden meegezonden:

  • a.

    Een door een geaccrediteerde organisatie aan de aanvrager uitgebrachte offerte ter zake van deelname aan een programma; en

  • b.

    Een door de aanvrager ingevulde en ondertekende verklaring de-minimissteun.

Paragraaf 3 Het besluit op de aanvraag

Artikel 7 Beslistermijn

Gedeputeerde Staten besluiten binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. Indien deze termijn naar redelijke verwachting niet wordt gehaald stellen GS een andere beslistermijn vast en berichten de aanvrager hierover.

Artikel 8 Weigeringsgronden

Een subsidie op grond van deze regeling wordt geweigerd indien:

  • a.

    aan de aanvrager in het lopende kalenderjaar reeds twee subsidies zijn verleend op grond van deze regeling;

  • b.

    de subsidiabele kosten minder bedragen dan € 500,--;

  • c.

    het project niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling;

  • d.

    het project niet in overeenstemming is met ten minste één van de doelen van deze regeling;

  • e.

    ter zake van de subsidiabele kosten eerder dan 4 weken vóór ontvangst van de aanvraag verplichtingen zijn aangegaan;

  • f.

    niet wordt voldaan aan de voorwaarden van de de-minimisverordening.

Artikel 9 Subsidiabele kosten

  • 1.

    Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de regeling komen voor een subsidie in aanmerking de kosten die door de geaccrediteerde organisatie bij de aanvrager in rekening zijn gebracht.

  • 2.

    Alleen bij meester-gezel trajecten; een forfaitaire opslag van € 5.000,-- als tegemoetkoming in de interne loonkosten van de subsidieaanvrager voor het meester-gezel traject.

Artikel 10 Uitgesloten subsidiabele kosten

  • 1.

    Kosten die worden gefinancierd met andere subsidies dan op grond van deze regeling, zijn niet subsidiabel.

  • 2.

    Belasting Toegevoegde Waarde (BTW) is geen subsidiabele kosten

Artikel 11 Subsidiepercentage

De subsidie bedraagt 50% van de subsidiabele kosten.

Artikel 12 Subsidiehoogte

Het subsidiebedrag bedraagt ten hoogste € 5.000,--.

Artikel 13 Subsidieplafond

Gedeputeerde Staten stellen jaarlijks een subsidieplafond vast en maken dit samen met de wijze van verdeling bekend.

Artikel 14 Wijze van verdeling van het beschikbare budget

  • 1.

    Er wordt op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvraag verdeeld.

  • 2.

    Als de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van binnenkomst de dag waarop de aanvulling is ontvangen.

  • 3.

    Voor zover door verlening van subsidies voor aanvragen die op dezelfde dag zijn binnengekomen het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van deze aanvragen vastgesteld door middel van loting.

Paragraaf 4 Het voorschot op subsidieverlening

Artikel 15 Bevoorschotting

Binnen 4 weken na de verleningsbeschikking wordt de subsidie voor 100% bevoorschot.

Paragraaf 5 Uitvoeringsvoorwaarden

Artikel 16 Subsidieverplichtingen

1. Met de uitvoering van het project wordt gestart binnen 4 maanden na de subsidieverlening.

2. Het project wordt binnen 14 maanden na de start afgerond.

Artikel 17 Meldingsplicht en desgevraagd verantwoorden

De subsidieaanvrager is verplicht:

  • a.

    onverwijld een schriftelijke melding te doen zodra aannemelijk is dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht of dat niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan;

  • b.

    desgevraagd, door middel van een factuur met betalingsbewijs aan te tonen dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen. Wanneer sprake is van meester-gezel trajecten dient daarnaast ook een verslag van de uitgevoerde werkzaamheden te worden meegestuurd.

Artikel 18 Wijzigings- of intrekkingsgronden

De subsidie kan worden ingetrokken of ten nadele van de subsidieontvanger worden gewijzigd, indien het project niet wordt uitgevoerd in overeenstemming met het doel of de voorschriften van deze regeling.

Artikel 19 Beslistermijn

De subsidie wordt ambtshalve vastgesteld binnen 18 maanden na de bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening.

Artikel 20 Inwerkingtreding en duur

  • 1.

    Deze beleidsregel wordt bekend gemaakt in het provinciaal blad en treedt in werking met ingang van 1 januari 2017.

  • 2.

    Deze beleidsregel werkt terug tot en met 1 januari 2017 voor zover de bekendmaking plaatsvindt na 1 januari 2017.

  • 3.

    Deze beleidsregel vervalt met ingang van 1 januari 2021 of zoveel eerder of later als Gedeputeerde Staten besluiten.

Artikel 21 Overgangsbepaling

Deze beleidsregel blijft na het vervallen ervan van toepassing op bijdragen die voor het vervallen van de regeling zijn aangevraagd of verleend.

Artikel 22 Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel De Groninger Ondernemersregeling.

Groningen, 6 december 2016.

Gedeputeerde Staten voornoemd:

F.J. Paas ,

voorzitter.

H.J. Bolding,

secretaris.