Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Leiden

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leiden houdende regels omtrent maatschappelijke ondersteuning Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Leiden 2018

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieLeiden
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBesluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leiden houdende regels omtrent maatschappelijke ondersteuning Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Leiden 2018
CiteertitelFinancieel besluit maatschappelijke ondersteuning Leiden 2018
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning 2017.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Onbekend

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2018nieuwe regeling

12-12-2017

Stadskrant, 21-12-2017

BW17.0607

Tekst van de regeling

Intitulé

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leiden houdende regels omtrent maatschappelijke ondersteuning Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Leiden 2018

Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Leiden 2018 

Hoofdstuk 1 Hoogte tarieven persoonsgebonden budget

Artikel 1 Algemeen

  • 1.

    Het persoonsgebonden budget voor maatwerkvoorzieningen dient in beginsel toereikend en vergelijkbaar te zijn met een voorziening in natura.

     

  • 2.

    Er is sprake van een gedifferentieerde tariefstelling voor inkoop via non-professionele hulp, (niet beroepsmatige hulp die wordt geleverd door mensen uit de eigen omgeving of het eigen netwerk), en via professionele hulp die wordt geleverd door een ter zake kundig gediplomeerde zelfstandige zonder personeel (zzp-er) of eenmansbedrijf en professionele hulp die wordt ingekocht bij een instelling.

  • 3.

    In de regel wordt voor maatwerkvoorzieningen genoemd in artikel 2 t/m 7 de volgende gedifferentieerde tariefstelling gehanteerd:

     

    Non- professional (informeel)

    50% van het tarief dat bij zorg in natura wordt gehanteerd

    Professional (zzp)

    80% van het tarief dat in zorg in natura wordt gehanteerd

    Professional (instelling)

    90% van het tarief dat in zorg in natura wordt gehanteerd

     

  • 4.

    In afwijking van lid 3 wordt bij huishoudelijke ondersteuning voor informele ondersteuning het rekenuurtarief van € 14,00 gehanteerd. Deze vorm van ondersteuning kan vallen onder de Regeling Dienstverlening aan Huis. Deze regeling houdt in dat geen loonbelasting, premie volksverzekeringen en premies werknemersverzekeringen hoeft te worden ingehouden of afgedragen. Voor professionele ondersteuning door een zzp-er wordt een rekenuurtarief van € 17,50 gehanteerd, op basis van het tarief van een Alphahulp via een formele stichting of een schoonmaakbedrijf.

  • 5.

    Bij groepsbegeleiding wordt bij de berekening van het pgb gerekend met het in lid 3 genoemde percentage van het dagdeeltarief in natura, vermenigvuldigd met het midden van de bandbreedte van de gehanteerde intensiteit.

     

    Hoofdstuk 2 Bedragen persoonsgebonden budget voor maatwerkvoorzieningen WMO

Artikel 2 Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Huishoudelijke Ondersteuning Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Huishoudelijke Ondersteuning

  • 1.

    De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Huishoudelijke ondersteuning basis, speciaal en thuisondersteuning luiden per periode van vier weken:

     

    Omschrijving

    Informeel

    Zzp

    Instelling

    Huishoudelijke Ondersteuning Basis

    € 135,75

    € 169,50

    € 207,00

    Huishoudelijke Ondersteuning Basis intensief

    € 244,75

    € 305,75

    € 373,50

    Huishoudelijke Ondersteuning Speciaal

    € 166,00

    € 207,50

    € 288,00

    Huishoudelijke Ondersteuning Speciaal intensief

    € 282,50

    € 353,25

    € 490,50

    Thuisondersteuning

    € 221,00

    € 276,25

    € 405,00

    Thuisondersteuning intensief

    € 339,00

    € 423,75

    € 621,00

     

Artikel 3 Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Begeleiding Individueel

  • 1.

    De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Individuele begeleiding luiden per periode van vier weken. 

     

    Omschrijving

    Informeel

    Zzp

    Instelling

    Begeleiding Individueel Basis licht

    € 122,50

    € 196,00

    € 220,50

    Begeleiding Individueel Basis midden

    € 290,00

    € 464,00

    € 522,00

    Begeleiding Individueel Basis zwaar

    € 455,00

    € 728,00

    € 819,00

    Begeleiding Individueel Speciaal licht

    nvt

    € 280,00

    € 315,00

    Begeleiding Individueel Speciaal midden

    nvt

    € 656,00

    € 738,00

    Begeleiding Individueel Speciaal zwaar

    nvt

    € 1.032,00

    € 1.161,00

Artikel 4 Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Begeleiding groep

  • 1.

    De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor groepsbegeleiding luiden per periode van vier weken:

     

    Omschrijving

    Informeel

    Zzp

    Instelling

    Begeleiding groep Basis

    nvt

    € 251,50

    € 283,00

    Begeleiding groep Basis (incl. vervoer)

    nvt

    € 309,75

    € 341,25

    Begeleiding groep Basis (intensief)

    nvt

    € 628,75

    € 707,50

    Begeleiding groep basis (intensief en incl vervoer

    nvt

    € 774,25

    € 853,00

    Begeleiding groep Speciaal

    nvt

    € 380,25

    € 427,75

    Begeleiding groep Speciaal (incl vervoer)

    nvt

    € 438,25

    € 492,50

    Begeleiding groep Speciaal (Intensief)

    nvt

    € 950,50

    € 1.069,25

    Begeleiding groep Speciaal (intensief en incl vervoer)

    nvt

    € 1.096,00

    € 1.231,25

Artikel 5 Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor beschermd wonen (scheiden wonen en zorg)

  • 1.

    De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor beschermd wonen luiden per etmaal:

     

    Omschrijving

    Informeel

    zzp

    Instelling

    Beschermd wonen zzp 2*

    nvt

    nvt

    € 75,75

    Beschermd wonen zzp 2* (incl. dagbesteding)

    nvt

    nvt

    € 101,50

    Beschermd wonen zzp 3

    nvt

    nvt

    € 87,00

    Beschermd wonen zzp 3 (incl. dagbesteding)

    nvt

    nvt

    € 114,50

    Beschermd wonen zzp 4

    nvt

    nvt

    € 104,50

    Beschermd wonen zzp 4 (incl. dagbesteding)

    nvt

    nvt

    € 134,50

    Beschermd wonen zzp 5

    nvt

    nvt

    € 113,75

    Beschermd wonen zzp 5 (incl. dagbesteding)

    nvt

    nvt

    € 143,75

    Beschermd wonen zzp 6

    nvt

    nvt

    € 137,50

    Beschermd wonen zzp 6 (incl. dagbesteding)

    nvt

    nvt

    € 170,50

    * Er worden per 1-1-2015 geen nieuwe indicaties meer in ZZP 1 of 2 afgegeven.

     

    Omschrijving

    Informeel

    zzp

    Instelling

    Overbruggingszorg en transitiezorg

     

     

     

    Beschermd wonen individueel basis (per uur)

    € 24,00

    € 38,50

    € 43,25

    Beschermd wonen individueel speciaal (per uur)

    nvt

    € 54,75

    € 43,25

    Beschermd wonen groep (per dagdeel)

    nvt

    € 32,00

    € 36,00

     

Artikel 6 Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor beschut wonen LVB

  • 1.

    De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor beschut wonen LVB luiden per etmaal:

     

    Omschrijving

    Informeel

    zzp

    Instelling

    Beschut wonen LVB licht

    nvt

    nvt

    € 41,00

    Beschut wonen LVB licht (incl. dagbesteding)

    nvt

    nvt

    € 68,00

    Beschut wonen LVB midden

    nvt

    nvt

    € 53,50

    Beschut wonen LVB midden (incl. dagbesteding)

    nvt

    nvt

    € 81,00

    Beschut wonen LVB zwaar

    nvt

    nvt

    € 66,50

    Beschut wonen LVB zwaar (incl. dagbesteding)

    nvt

    nvt

    € 94,00

Artikel 7 Bedragen voor het persoonsgebonden budget overige maatwerkvoorzieningen

  • 1.

    De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor overige maatwerkvoorzieningen luiden:

     

    Omschrijving

    Informeel

    zzp

    Instelling

    Kortdurend verblijf (per etmaal, max. 52/kalenderjaar)

    € 60,00

    € 96,00

    € 108,00

    Maaltijdvoorbereiding (per uur)

    € 14,00

    € 17,50

    € 21,50

    Kindverzorging (per uur)

    € 14,00

    € 17,50

    € 21,50

    Lijfgebonden ondersteuning (per uur)

    € 22,50

    € 36,00

    € 40,50

  • 2.

    Indien met de bedragen genoemd in artikel 2, 3 en 4 niet het gewenste resultaat bereikt wordt binnen de maximaal gestelde uren/dagdelen, kan op basis van individueel maatwerk tot een oplossing worden gekomen. Hiervoor worden de pgb tarieven verhoogd met de volgende tarieven per uur/dagdeel:

     

    Omschrijving

    Informeel

    Zzp

    Instelling

    Huishoudelijke ondersteuning Basis

    € 14,00

    € 17,50

    € 21,50

    Huishoudelijke ondersteuning Speciaal

    € 14,00

    € 17,50

    € 24,25

    Thuisondersteuning

    € 14,00

    € 17,50

    € 25,75

    Begeleiding Individueel Basis

    € 22,50

    € 36,00

    € 40,50

    Begeleiding Individueel Speciaal

    nvt

    € 51,00

    € 57,25

    Begeleiding groep basis (per dagdeel)

    nvt

    € 21,00

    € 23,50

    Begeleiding groep basis met vervoer (per dagdeel)

    nvt

    € 25,75

    € 28,50

    Begeleiding groep speciaal (per dagdeel)

    nvt

    € 31,75

    € 35,75

    Begeleiding groep speciaal met vervoer (per dagdeel)

    nvt

    € 36,50

    € 41,00

Artikel 8 Omvang van het persoonsgebonden budget bij koop en huur van hulpmiddelen

  • 1.

    Het persoonsgebonden budget bedraagt, rekening houdend met de kosten voor verzekering en onderhoud voor de gehele gebruiksperiode, ten hoogste:

     

    SOORT VOORZIENING

    Aanschaf, verzekering en onderhoud hele periode

    Handbewogen rolstoel voor continu gebruik

    € 3.000,00

    Handbewogen rolstoel voor incidenteel/kortdurend gebruik

    € 525,00

    Handbewogen rolstoel voor (semi-)permanent/algemeen gebruik

    € 1.850,00

    Handbewogen rolstoel voor actief gebruik

    € 3.200,00

    Handbewogen kinderrolstoel voor (semi) permanent/actief gebruik

    € 2.600,00

    Handbewogen kinderrolstoel voor permanent gebruik

    € 3.600,00

    Elektrische rolstoel voor (semi-)permanent gebruik, primair binnen, maar ook om het huis

    € 9.000,00

    Elektrische rolstoel voor (semi-)permanent gebruik, primair buiten, maar ook binnenshuis

    € 11.000,00

    Elektrische kinderrolstoel

    € 12.000,00

    Scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (8 km/uur)

    € 2.675,00

    Scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (10 km/uur)

    € 3.400,00

    Scootmobiel voor langere afstanden en intensief gebruik (15 km/uur)

    € 4.200,00

     

  • 2.

    Indien de inwoner het persoonsgebonden budget aanwendt voor het huren van een hulpmiddel ontvangt hij per kalenderjaar het in het eerste lid genoemde totaalbedrag, gedeeld door het aantal gebruiksjaren (voor een hulpmiddel 7).

  • 3.

    De restwaarde van het hulpmiddel wordt als volgt bepaald:

     

    Bij verhuizing of overlijden of niet meer adequaat zijn van de voorziening

    Restwaarde als percentage van het verstrekte persoonsgebonden budget

    Eerste jaar

    60%

    Tweede jaar

    50%

    Derde jaar

    40%

    Vierde jaar

    30%

    Vijfde jaar

    20%

    Zesde jaar

    10%

    Zevende jaar

    0%

     

Artikel 9 Restwaarde maatwerkvoorziening in de vorm van een uitbouw

Indien een maatwerkvoorziening is verstrekt in de vorm van een uitbouw aan de woning, die eigendom is van de inwoner, kan er vanuit worden gegaan dat de woning in waarde is gestegen. Het aantal gebruiksjaren voor een woonvoorziening is 7. De door de gemeente gesubsidieerde kosten dienen bij verkoop van de woning te worden terugbetaald volgens het afschrijvingsschema overeenkomstig het schema in artikel 8 lid 3.

 

Hoofdstuk 3 Overgangsregelingen persoonsgebonden budget

 

Artikel 10 Overgangsregeling persoonsgebonden budget

  • 1.

    Voor cliënten met een indicatie voor:

    • a.

      huishoudelijke ondersteuning;

    • b.

      begeleiding individueel;

    • c.

      begeleiding groep;

    • d.

      kortdurend verblijf;

    • e.

      maaltijdvoorbereiding;

    • f.

      kindverzorging;

    • g.

      lijfgebonden ondersteuning;

    •  

    ingaande vóór 1 januari 2018 blijft het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning 2017 van toepassing tot 31 december 2018 of tot zoveel eerder op het moment dat deze indicatie, al dan niet vanwege een nieuwe aanvraag, wordt verlengd, gewijzigd of is komen te vervallen.

     

Artikel 11 Overgangsregeling persoonsgebonden budget beschermd wonen thuis

  • 1.

    Cliënten met een indicatie voor beschermd wonen, afgegeven voor 1 januari 2015, die niet in een instelling of wooninitiatief wonen en voor wie geen indicatie voor begeleiding is of kan worden gesteld, ontvangen in verband met het overgangsrecht tot 31 december 2019, of tot het aflopen van de afgegeven indicatie een persoonsgebonden budget op basis van beschermd wonen.

  • 2.

    Voor de cliënten genoemd in artikel 11 lid 1 en in uitzonderlijke gevallen voor nieuwe cliënten, gelden de volgende pgb bedragen:

     

    Overgangsregeling pgb beschermd wonen thuis (professional)

    Exclusief dagbesteding

    Inclusief dagbesteding

    Beschermd wonen met begeleiding (ZZP 1)

    € 41,75

    € 68,00

    Gestructureerd beschermd wonen met uitgebreide begeleiding (ZZP 2)

    € 67,25

    € 93,00

    Beschermd wonen met intensieve begeleiding (ZZP 3)

    € 74,25

    € 102,50

    Gestructureerd beschermd wonen met intensieve begeleiding en verzorging (ZZP 4)

    € 89,25

    € 120,25

    Beschermd wonen met intensieve begeleiding en gedragsregulering (ZZP 5)

    € 97,25

    € 128,75

    Beschermd wonen met intensieve begeleiding en intensieve verpleging en verzorging (ZZP 6)

    € 122,25

    € 156,25

     

  • 3.

    Indien geen of slechts gedeeltelijke professionele zorg/ondersteuning wordt ingezet bij de overgangsregeling beschermd wonen thuis, zal een korting worden toegepast op de in lid 2 genoemde bedragen, die kan oplopen tot 20%. Dit is afhankelijk van de mate waarop professionele hulp wordt ingezet.

     

    Hoofdstuk 4 Bedragen maatwerkvoorzieningen voor vervoer

     

Artikel 12 Bedragen Collectief Vraagafhankelijk Vervoer

  • 1.

    De vergoeding voor het Collectief Vraagafhankelijk Vervoer (CVV) bedraagt op jaarbasis in principe:

    a. voor gebruik van het CVV: 384 zones

    b. voor vervoer vrij besteedbaar: € 288,00

  • 2.

    Personen die een maatwerkvoorziening ontvangen in de vorm van het CVV, moeten een bijdrage betalen in het CVV. De hoogte van deze bijdrage is gelijk aan het OV-chip –tarief (omgerekend naar een zonetarief).

    Het OV chip-tarief bedraagt € 0,74 per zone voor 65- en € 0,48 voor 65+.

Artikel 13 Bedragen maatwerkvoorzieningen vervoer

  • 1.

    De vergoeding voor verschillende maatwerkvoorzieningen voor vervoer bedragen op jaarbasis maximaal:

     

    a.

    voor vervoer per taxi

    € 1.884,00

    b.

    voor een combinatie van taxi en vervoer met de eigen auto

    € 1.230,00

     

    voor taxi

    € 942,00

     

    plus voor vervoer met de eigen auto

    € 288,00

    c.

    voor een rolstoeltaxi

    € 2.832,00

    d.

    voor een voor rolstoelgebruik aangepast vervoermiddel

    € 576,00

    e.

    voor een combinatie van c en d:

     

     

    voor de rolstoeltaxi (1.000 kilometer)

    € 1.416,00

     

    plus voor rolstoelgebruik aangepast vervoermiddel (1.000 kilometer)

    € 288,00

    f.

    Voor een bruikleenauto/buitenwagen met verbrandingsmotor

    € 240,00

  • 2.

    De hoogte van de bedragen wordt voor inwoners tot 16 jaar gesteld op een percentage van de in het eerste lid genoemde bedragen op:

    • a.

      0% voor aanvragers tot 4 jaar;

    • b.

      25% voor aanvragers van 4 tot 6 jaar;

    • c.

      50% voor aanvragers van 6 tot 12 jaar; en

    • d.

      75% voor aanvragers van 12 tot 16 jaar.

  • 3.

    Voor zover echtgenoten of partners beiden in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening vervoer dan wel voor het CVV en tenminste één van hen kan geen gebruik maken van het CVV, wordt aan elk van hen een percentage (25, 50% dan wel 75%, afhankelijk van de gezamenlijke vervoersbehoefte) van het maximumbedrag voor vervoer per reguliere taxi toegekend.

    Partners zijn personen die meerderjarig zijn en getrouwd of geregistreerd partner zijn of een door een notaris opgemaakt samenlevingscontract met een wederzijdse zorgverplichting hebben afgesloten of allebei op hetzelfde adres staan ingeschreven in de basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente of een vergelijkbare administratie buiten Nederland.

  • 4.

    Voor zover echtgenoten of partners beiden geen gebruik kunnen maken van het regulier openbaar vervoer, maar wel van het CVV wordt aan hen ieder maximaal toegekend:

    • a.

      100% van het aantal zones voor het gebruik van het CVV; en

    • b.

      indien van toepassing, 50% van het vrij besteedbaar bedrag.

  • 5.

    Voor zover echtgenoten of partners beiden geen gebruik kunnen maken van het regulier openbaar vervoer, maar wel van het CVV, en één van hen kiest voor de financiële tegemoetkoming voor het gebruik van de eigen auto, wordt aan ieder van hen maximaal 50% toegekend van het maximumbedrag voor het gebruik van de eigen auto.

  • 6.

    Indien belanghebbende gebruik maakt van een andere maatwerkvoorziening zoals een scootmobiel, dan wel een eigen verplaatsingsmiddel, kan het aantal kilometers met 25%, 50% of 75% worden verlaagd, afhankelijk van de mate waarin het andere verplaatsingsmiddel in de vervoersbehoefte voorziet.

     

    Hoofdstuk 5 Bijdrage in de kosten van een voorziening

Artikel 14 Bijdrage voor maatwerkvoorzieningen

  • 1.

    De persoon, aan wie een maatwerkvoorziening in natura of in de vorm van een persoonsgebonden budget is verleend, is een bijdrage verschuldigd.

  • 2.

    Het bepaalde in de voorgaande lid blijft buiten toepassing als:

    • a.

      de maatwerkvoorziening bestaat uit een rolstoel;

    • b.

      het een maatwerkvoorziening betreft in gemeenschappelijke ruimten van wooncomplexen;

    • c.

      de maatwerkvoorziening, een hulpmiddel is voor een belanghebbende jonger dan 18 jaar.

    • d.

      het de maatwerkvoorziening losse dagbesteding beschermd wonen of begeleiding individueel intensiteit waakvlam betreft.

  • 3.

    De hoogte van de bijdrage voor een maatwerkvoorziening wordt vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.1, lid 1 van het Uitvoeringsbesluit maatschappelijke ondersteuning, zoals jaarlijks aangepast door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en bedraagt nooit meer dan:

    • a.

      de kostprijs van de maatwerkvoorziening in natura;

    • b.

      de hoogte van het persoonsgebonden budget voor een maatwerkvoorziening;

     

  • 4.

    De termijn van de inning van bijdrage voor een maatwerkvoorziening is:

    • a.

      gelijk aan de verstrekkingsduur van een maatwerkvoorziening in natura, anders dan in eigendom;

    • b.

      gelijk aan de verstrekkingsduur van een periodiek persoonsgebonden budget;

    • c.

      gelijk aan de termijn tot de kostprijs van de voorziening is betaald, die in de toekenningsbeschikking van het persoonsgebonden budget voor een maatwerkvoorziening is vermeld (tot de maximale gebruiksduur van het product).

     

  • 5.

    De inning van de bijdrage voor een maatwerkvoorziening stopt te allen tijde bij het overlijden van belanghebbende of bij beëindiging van de maatwerkvoorziening.

  • 6.

    De persoon, aan wie een vergoeding in de meerkosten is verleend, is geen bijdrage verschuldigd.

Artikel 15 Hoogte kostprijs voor berekening bijdrage maatwerkvoorzieningen

  • 1.

     

    Huishoudelijke Ondersteuning Basis

    € 22,20 per uur

    Huishoudelijke Ondersteuning Speciaal

    € 22,20 per uur

    Thuisondersteuning

    € 22,20 per uur

    Begeleiding Individueel Basis

    € 22,20 per uur

    Begeleiding Individueel Speciaal

    € 22,20 per uur

    Lijfgebonden ondersteuning

    € 22,20 per uur

    Begeleiding Groep Basis

    € 22,20 per dagdeel

    Begeleiding Groep Speciaal

    € 22,20 per dagdeel

    Kortdurende verblijf

    € 44,40 per etmaal

    (max. 52 etmalen per kalenderjaar.)

    Maaltijdvoorbereiding

    € 22,20 per uur

    Kindverzorging

    € 22,20 per uur

    Beschermd wonen intramuraal (ZZP)

    op basis van door het ministerie van VWS bepaalde regels voor zorg met verblijf.

    Beschermd wonen en beschut wonen LVB, wonen en zorg gescheiden volgens regels eigen bijdrage Wmo extramuraal, zijnde:

    € 34,20 per dag

    Overbruggingszorg en transitiezorg beschermd wonen (extramuraal):

    € 22,20 per uur (ind. begeleiding)

    € 22,20 per dagdeel (beg groep BW)

    Overbruggingszorg beschut wonen LVB (extramuraal):

    € 22,20 per uur (ind. begeleiding)

    € 22,20 per dagdeel (beg groep BW)

     

  • 2.

    De hoogte van de kostprijs voor berekening van de bijdrage, als bedoeld in artikel 12 van de Verordening, voor de maatwerkvoorziening vervoer in natura voor:

     

    • a.

      scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (8 km/uur) huurprijs per vier weken: € 24,50

    • b.

      scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (10 km/uur) huurprijs per vier weken € 28,00

    • c.

      scootmobiel voor langere afstanden en intensief gebruik (15 km/uur) huurprijs per vier weken € 33,25.

  • 3.

    De bijdrage op het persoonsgebonden budget is maximaal het verstrekte (jaar)budget.

    De bijdrage op het persoonsgebonden budget voor begeleiding en dagbesteding geleverd door een professional is maximaal 53% van het verstrekte (jaar)budget.

    De bijdrage op het persoonsgebonden budget voor beschermd wonen geleverd door een professional is maximaal 40% van het verstrekte (jaar)budget.

  • 4.

    De hoogte van de bijdrage in de kosten voor verblijf in de opvang wordt vastgesteld en geïnd door de opvanginstellingen. De instellingen die opvang verlenen zijn Stichting De Binnenvest, Stichting Vrouwenopvang Rosa Manus en Stichting Uitgeprocedeerde Vluchtelingen. Het uitgangspunt is dat voor de cliënt in ieder geval de norm voor zak- en kleedgeld, zoals genoemd in artikel 23 van de Participatiewet, beschikbaar blijft.

  • 5.

    Voor woonvoorzieningen wordt de gemiddelde kostprijs gemeld bij het CAK tenzij de werkelijke kosten van de voorziening lager zijn.

  • 6.

    Een cliënt is voor woonvoorzieningen met een kostprijs onder € 500,00 geen bijdrage verschuldigd.

     

    Hoofdstuk 7 Overige bepalingen

     

Artikel 16 Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de aanvrager afwijken van de bepalingen in dit Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Leiden 2018, indien toepassing daarvan zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard.

Artikel 17 Citeertitel en inwerkingtreding

 

  • a.

    Dit Besluit wordt aangehaald als: 'Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Leiden 2018'.

  • b.

    Dit Besluit treedt in werking op 1 januari 2018;

  • c.

    Met inwerkingtreding van dit Besluit wordt het 'Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning 2017’ ingetrokken.

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van 12 december 2017.

 

Het College van Burgemeester en wethouders,

De secretaris, de burgemeester,