Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Maastricht

Verordening toeristenbelasting Maastricht 2019

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieMaastricht
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening toeristenbelasting Maastricht 2019
CiteertitelVerordening toeristenbelasting Maastricht 2019
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

regeling vervangt de Verordening toeristenbelasting Maastricht 2018

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 224, eerste lid, van de Gemeentewet

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2019nieuwe regeling

13-11-2018

gmb-2018-255395

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening toeristenbelasting Maastricht 2019

DE RAAD VAN DE GEMEENTE MAASTRICHT,

 

gezien het voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 9 oktober 2018, organisatieonderdeel BCC-Concernzaken, no. 2018-31480;

 

gelet op artikel 224, van de Gemeentewet;

 

BESLUIT VAST TE STELLEN DE VOLGENDE VERORDENING:

 

 

Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting Maastricht 2019

(“Verordening toeristenbelasting Maastricht 2019”)

 

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a.

recreatiewoning: woning of ander verblijf, al dan niet permanent aanwezig, bestemd voor dan wel gebezigd als verblijf voor vakantie of andere doeleinden;

b.

jeugdherberg: gebouw of onderkomen, in hoofdzaak bestemd voor of gebezigd als verblijf voor jeugdigen voor vakantie of andere doeleinden;

c.

kampeeronderkomens: tent, vouwwagen, kampeerauto, stacaravan, toercaravan of soortgelijk onderkomen, dan wel soortgelijk voertuig bestemd voor dan wel gebezigd als verblijf voor vakantie- of andere doeleinden;

d.

niet beroepsmatig verhuurde ruimte: woning of ander verblijf, of gedeelte daarvan, niet in hoofdzaak als verblijf voor vakantie of andere recreatieve doeleinden, doch die in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden wordt verhuurd dan wel te huur wordt aangeboden;

e.

een logies verstrekkend natuurlijk- of rechtspersoon: pension of ander onderkomen, of gedeelte daarvan, dat wordt geëxploiteerd voor het aanbieden van verblijf met overnachten;

f.

stercategorie: het hoogste aantal sterren dat is verleend door het Bedrijfsschap Horeca, dan wel bekend is bij het VVV-Maastricht, dan wel bekend gemaakt wordt in eigen uitingen op 1 januari van het belastingjaar.

 

Artikel 2 Belastbaar feit

Ter zake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, wordt onder de naam 'toeristenbelasting' een directe belasting geheven.

 

Artikel 3 Belastingplicht

1.

Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2.

2.

De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 2.

3.

Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 2.

 

Artikel 4 Maatstaf van heffing.

De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingtijdvak.

 

Artikel 5 Forfaitaire berekening

1.

Voor mobiele kampeeronderkomens geldt voor de berekening van de belastingschuld het werkelijk aantal overnachtingen.

2.

Voor mobiele kampeeronderkomens kan het aantal overnachtende personen per periode van aangifte, op een bij aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige, forfaitair worden vastgesteld.

3.

Bij de forfaitaire berekening voor mobiele kampeeronderkomens wordt het aantal overnachtende personen gesteld op 1,5 per kampeeronderkomen per nacht.

 

Artikel 6 Belastingtarief

1.

Het tarief bedraagt per persoon per overnachting in/bij een:

 

 

 

2018

Bedrag in €

2019

Bedrag in €

 

a.

kampeeronderkomen, recreatiewoning, jeugdherberg of niet beroepsmatig verhuurde ruimte;

1,34

1,37

 

b.

door een natuurlijke- of rechtspersoon verstrekte logies of hotel niet vallend in een stercategorie;

1,97

2,02

 

c.

hotel in de éénstercategorie;

2,66

2,73

 

d.

hotel in de tweesterrencategorie;

3,31

3,39

 

e.

hotel in de driesterrencategorie;

4,01

4,11

 

f.

hotel in de viersterrencategorie;

4,77

4,89

 

g.

hotel in de vijfsterrencategorie.

5,45

5,59

 

Artikel 7 Vrijstellingen

De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:

1.

van degene, die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen als verpleegde of verzorgde.

2.

van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29 eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2 van de Verordening onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.

 

Artikel 8 Belastingtijdvak

Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderkwartaal.

 

Artikel 9 Wijze van heffing

De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

 

Artikel 10 Termijnen van betaling

1.

In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990, moeten de aanslagen in één termijn worden voldaan op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van de aanslag is vermeld.

2.

De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande lid gestelde termijn.

 

Artikel 11 Kwijtschelding

De regelgeving inzake de kwijtschelding is vastgelegd in de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen.

 

Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.

 

Artikel 13 Aanmeldingsplicht

De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d., van de Gemeentewet.

 

Artikel 14 Inwerkingtreding en citeertitel

1.

De "Verordening toeristenbelasting Maastricht 2018" van 14 november 2017 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

2.

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2019.

3.

De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

4.

Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening toeristenbelasting Maastricht 2019”.

 

Aldus besloten door de raad der gemeente Maastricht in zijn openbare vergadering van 13 november 2018.

 

De Griffier,

J. Goossens.

 

De Voorzitter,

J.M. Penn-te Strake