Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Oirschot

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Oirschot houdende regels omtrent de heffing en de invordering van forensenbelasting (Verordening forensenbelasting 2020)

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieOirschot
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening van de gemeenteraad van de gemeente Oirschot houdende regels omtrent de heffing en de invordering van forensenbelasting (Verordening forensenbelasting 2020)
CiteertitelVerordening forensenbelasting 2020
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt de Verordening op de heffing en invordering van een forensenbelasting 2019.

De datum van ingang van heffing is 1 januari 2020.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 223 van de Gemeentewet

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

31-12-2019nieuwe regeling

17-12-2019

gmb-2019-312473

19.I001535

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Oirschot houdende regels omtrent de heffing en de invordering van forensenbelasting (Verordening forensenbelasting 2020)

De raad der gemeente Oirschot;

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 26 november 2019;

gegeven de agendering door het Presidium d.d. 3 december 2019;

 

besluit:

 

vast te stellen de volgende:

 

Verordening op de heffing en de invordering van een forensenbelasting 2020

Artikel 1 Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder woning:

een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet.

Artikel 2 Belastbaar feit en belastingplicht

  • 1.

    Onder de naam "forensenbelasting" wordt een directe belasting geheven van natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden.

  • 2.

    Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de omstandigheden beoordeeld.

Artikel 3 Vrijstellingen

Niet belastingplichtig is degene die ter tijdelijke waarneming van een openbare betrekking of ter bijwoning van de vergaderingen van een algemeen vertegenwoordigend lichaam, waarvan hij het lidmaatschap bekleedt, dan wel ingevolge last of bevel van de overheid, buiten de gemeente van zijn hoofdverblijf vertoeft.

Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief

  • 1.

    De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de gemeubileerde woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid wordt de belasting geheven naar de waarde, indien de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld onder toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken.

  • 3.

    In geval voor de woning geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde van die woning.

  • 4.

    De vaststelling van de waarde geschiedt overeenkomstig de regels voor de in de artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet bedoelde belastingen.

  • 5.

    De belasting bedraagt 0,3729% per jaar van de waarde, zoals bedoeld in lid 1, 2 of 3 van dit artikel.

Artikel 5 Belastingiaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 6 Wijze van heffing

De belasting wordt geheven bij wege van aanslag.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag betaald worden binnen twee maanden na dagtekening van het aanslagbiljet.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.

  • 3.

    In afwijking van lid 1 is de belasting verschuldigd in acht gelijke termijnen als belastingplichtige de gemeente toestemming geeft voor automatische incasso. De eerste termijn is verschuldigd één maand na dagtekening van het aanslagbiljet, de daarop volgende termijnen steeds een maand later.

Artikel 7A Kwijtschelding

Voor de forensenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 8 Overgangsrecht

De "Verordening op de heffing en invordering van een forensenbelasting 2019" van 18 december 2018 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 9 tweede lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 9 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van heffing is 1 januari 2020.

Artikel 10 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening forensenbelasting 2020"

 

Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Oirschot

van 17 december 2019.

De gemeenteraad,

Han Struijs,

Griffier

Judith Keijzers - Verschelling

Voorzitter